Casus uit de praktijk: Wanneer doe je het goed?

Mevrouw M.is kort geleden bevallen van haar tweede kindje. Haar eerste baby is na een zwangerschap van 38 weken levenloos ter wereld gekomen. Bij de evaluatie van de zorg omtrent de tweede zwangerschap geeft M. aan dat ze tevreden is, maar dat ze het vervelend vond dat de verloskundigen uit de praktijk bij bijna elke controle spraken over haar overleden kindje. Ze heeft begrip voor de goede bedoelingen maar het belemmerde haar te genieten van de bezoekjes aan de verloskundige en maakte dat ze er tegenop ging zien.

Moet je het er wel of juist niet over hebben? Hoe doe je het goed?

Deze vraag werd ons tijdens de training ”Verlieskunde in de verloskundige praktijk”  meerdere malen voorgelegd. Kennelijk is er met rouw en verlies iets aan de hand. Omgaan met rouw kan ook de professional kwetsbaar en onzeker maken.

Zodra we te maken krijgen met een overleden kindje in de praktijk staat iedereen op scherp. In andere verliessituaties worden rouwsignalen echter gemakkelijk over het hoofd gezien.  Logisch: verloskundigen zijn geen psychologen. Maar zij zijn wel vertrouwenspersonen waar veel mee gedeeld wordt en die dienen als een veilig baken wanneer de zwangere zich onzeker voelt.

 

Het voorbeeld uit de casus laat zien dat het soms lastig inschatten is wat de beste benaderingswijze is. Er zijn geen standaard protocollen voor rouw. Aandacht voor verlies en rouw is maatwerk. De ene vrouw vind het wel fijn als er naar gevraagd wordt en de andere niet. Het is balanceren op de grens van afstand en nabijheid.

 

Een juiste afstemming vinden is daarbij de eerste stap in de goede richting. Het is belangrijk dat verloskundigen rouw herkennen en bespreekbaar maken. Het uitspreken van je oprechte deelneming (namens alle collega’s) is een eerste stap. Dat ontslaat tevens elke afzonderlijke collega van het gevoel dat ieder er voor zich nog naar moet vragen om niet tekort te schieten in de aandacht voor het verlies. Terwijl het niet zo is dat een verloskundige er niet naar mág vragen.

 

Een goed moment om het verlies en de gevoelens er omheen te bespreken is de intake. Luister goed en durf door te vragen; belangrijk om er achter te komen wat de behoefte van de zwangere vrouw en haar familie is.  Documenteer vervolgens hoe de familie erin staat en noteer wat de eventuele afspraken zijn, zodat het duidelijk is voor alle collega’s.

Kom op een later moment in de zwangerschap nog eens terug op het intakegesprek en check de afspraken, dit is van belang voor een goede afstemming van zorg.

 

In de tweedaagse training ”Verlieskunde in de verloskundige praktijk die wordt gegeven op 14 april en 12 mei 2016 geven wij verloskundigen handvatten zoals deze zodat zij met meer vertrouwen in hun schoenen komen te staan.

 

We verwelkomen je graag! Want… wanneer geboorte en verlies samenkomen doet jouw deskundige aanwezigheid ertoe!

 

Noor Verheul en Yvonne Voogd